web analytics

De Sint Jozefkerk

staat aan een doorgaande weg op een plein omringd door groen. Het dorp heeft een lintbebouwing en de kerk staat niet centraal, maar meer aan de rand van het dorp. De toren fungeert als landmark.

De kerk heeft op het schip een zadeldak met verbeterde Hollandse pannen en op de zijbeuken, de transepten en op de absis een plat dak. De muren zijn van baksteen in wild verband. De westgevel heeft een puntgevel met betonnen rollijst en op de top een betonnen kruis. De kerk wordt betreden door een dubbele met brons beslagen houten deuren. Deze staan in een voorportaal met een fries, die overloopt in een zadeldak van beton. In de fries is een afbeelding ingelegd van keramiek, voorstellende het Lam Gods in een cartouche, die wordt vastgehouden door twee engelen aan weerszijden. Onder de fries wordt licht toegelaten door een venster met houten tracering. Het portaal heeft aan weerszijden blinde muren, aan de voorzijde inspringend aan weerszijden een rechthoekige betonnen lijst met vierkante vensters. Centraal boven het ingangsportaal zijn vier rechthoekige vensters zo geplaatst, dat een tracering van de vensters in kruisvorm ontstaat. De westgevel wordt gecomplementeerd door de zijbeuken, waarin een zij-ingang is gemaakt. Deze wordt betreden door een houten deur, beslagen met bronzen rechthoekige platen. Boven de muur staan rechthoekige vensters met een betonnen kruistracering en ingezette betonnen kruizen. De zijbeuken zijn gedekt met een overstekend plat dak. De ongelede toren staat aan de noordwestzijde en is met de kerk verbonden door een overdekte gang in metselwerk, gedekt door overstekend plat dak. Centraal staat een rechthoekige deur, die is bekleed met bronzen rechthoekige platen. Bovenaan heeft de toren galmgaten, die bestaan uit octogonale traceringen in een betonnen spaarveld tussen bakstenen lisenen. Hier zijn tevens aan elke zijde een grote ronde blauwe wijzerplaten. De toren is gedekt met een plat dak, gekroond door een ijzeren kroon met een bol en een kruis. De devotiekapel staat aan de zuidwestzijde van de kerk en is direct met de kerk verbonden. De kapel heeft een ellips als plattegrond. Direct naast de kerk heeft de kapel drie inspringende betonnen lijsten, waarin vierkante vensters. De rest van de kapel bestaat uit rechtopgaand metselwerk en wordt gedekt door een overstekend betonnen plat dak. De zijbeuken hebben rechtopgaand metselwerk met een zaagtandfries. Daarboven staat een vensterwand met een betonnen tracering, alternerend met delen, waarin tevens betonnen kruizen zijn geplaatst met gekleurd glas. De transepten zijn op dezelfde wijze opgebouwd en hebben eveneens een plat dak, dat op dezelfde hoogte is als de zijbeuken. De oostgevel bestaat uit een tuitgevel met clocherarcade in het midden. Rollijst en inzetstukken zijn van beton. Tegen deze gevel staat de polygonale absis van beton met ronde vensters. De absis heeft een overstekend plat dak. De zijbeuken aan deze zijde zijn op dezelfde wijze opgebouwd als de zijbeuken en de transepten. Tegen de gevel staat een rechthoekige absidiool met doorlopende zijmuren. In het zo ontstane spaarvlak zijn in het metselwerk met een lichtere kleur bakstenen kruisen ingemetseld. De aanzetstukken zijn van beton. Aan de westzijde van de transepten bevindt zich een deur als zij-ingang.

Josefkerk